Geplaatst op: 24 maart 2007
CDA: "Wat meer aanpak, wat minder onderzoek".
door Joost Bleijie
- Leidenaren zitten niet te wachten op een onderzoek. Ze willen de door de wethouder beloofde maatregelen in de praktijk zien omdat ze soms al jarenlang met overlast te maken hebben. Dat is de conclusie van de CDA-fractie naar aanleiding van het door wethouder Steegh gepresenteerde plan van aanpak voor de meeuwenoverlast dat op 13 maart in de commissie B&L wordt besproken. Het CDA zal tijdens deze vergadering dan ook pleiten voor het (alsnog) uitvoeren van de motie.
De wethouder werd in de motie opgedragen om de het 'eitje-dippen' en de valkenier te onderzoeken en de uitkomsten terug te koppelen. Nu krijgen we hoofdzakelijk onderzoek naar het gedrag van de stadsmeeuw. Ik vraag me af of er uberhaupt w een Valkenier op het stadhuis geweest is. Het plan van aanpak kan dan ook bestempeld worden als een bureau-oplossing.
De door de Raad aangenomen motie was glashelder. Onderzoek de elders succesvol werkende methoden als het 'eitje-dippen' en de valkenier en koppel dat samen met een plan van aanpak terug naar de Raad. Het plan van aanpak bevat echter voor een groot deel onderzoek naar de 'stadsmeeuw'. Waardevol, maar in de praktijk biedt het voor de gedupeerde Leidenaar weinig soelaas. Methoden die elders in de praktijk goed blijken te werken, worden keer op keer terzijde geschoven. Waarom? Omdat iemand in het stadhuis kennelijk niets ziet in deze methoden en dat terwijl ze niet eens op grote schaal en over een lang tijdsbestek getest zijn in Leiden. De Leidenaar heeft inmiddels recht op een oplossing in de praktijk. Uit alle publiciteit die er rondom de meeuwenproblematiek is geweest kan 1 conclusie worden getrokken: de Leidenaar is de meeuw zat en wil een oplossing in de praktijk. De Valkenier kan zo'n oplossing zijn.
De wethouder wil de meeuwen in Leiden naar zogeheten 'no-go-gebieden' verplaatsen. Leuk plan is mijn reactie dan, maar hoe wil je dat doen als je telkens de boot afhoudt als het om verjaagmethoden zoals de Valkenier gaat. Gebleken is dat meeuwen niet vrijwillig naar die gebieden vertrekken. Het aanwijzen van gebieden waar meeuwen wel mogen zitten, is een beetje symboolpolitiek. Ok, dan wijzen we bijvoorbeeld het biosciencepark aan als plek waar de meeuwen mogen zitten. Nog los van het feit wat al die bedrijven ervan vinden, zeg ik hardop, jaag ze dan nog een stukje verder dan zitten ze in de polder!.
Het CDA is positief over de voorstellen die gedaan worden op het gebied van voedselaanbod in Leiden. Het is goed dat we nadrukkelijker gaan letten op het voeren van meeuwen alsook het achterlaten van afval na bijvoorbeeld de markt. Maar dat zullen we streng moeten handhaven. Ook het idee om dikkere vuilniszakken in te zetten krijgt eveneens de steun van het CDA-Raadslid. Echter, het zijn druppels op de gloeiende plaat. Wil je de meeuw uit Leiden krijgen dan zul je 'paardenmiddelen' moeten inzetten die de leefomgeving van meeuwen blijvend verontrusten. De motie droeg de wethouder op om twee van deze middelen te onderzoeken. Helaast kiest hij ervoor om juist dat deel van de motie niet uit te voeren. Daarmee is de Leidenaar niet mee geholpen.